Competitiehervorming vroegtijdig uitgelekt

play-off systeemTijdens de jongste vergadering van de Pro League, eerder deze week, bleek dat slechts 5 van de 24 profclubs verder willen met het huidige play-off systeem. Ivan De Witte verklaarde in een interview achteraf dat er geen duidelijke voorkeur is voor een bepaalde nieuwe formule, maar wij konden de hand leggen op de blauwdruk van wat zo goed als zeker de nieuwe competitieformule wordt.

Drie liga’s
De competitie wordt in een eerste fase opgesplitst in drie liga’s met telkens 8 ploegen:

Betonliga A: Hierin spelen alle clubs met een stadion of tribune van Ghelamco (Gent, Antwerp) en alle andere Antwerpse clubs (Beerschot-Wilrijk, Lierse, Mechelen, Westerlo, …). Clubs die nog geen infrastructuur hebben aangekocht bij Paul Gheysens krijgen tot uiterlijk 2020 de tijd om zich in regel te stellen. Zoniet dreigt degradatie naar het amateurvoetbal.

Betonliga B verzamelt alle West- en Oost-Vlaamse ploegen (behalve Gent): Club Brugge, Oostende, Kortrijk, Zulte-Waregem, Lokeren, Waasland-Beveren en Roeselare.
In deze liga gelden enkele bijzondere regels:
– clubs die infrastructuur laten bouwen door Ghelamco: 10 punten afgetrokken
– herbergt het stadion van de club een shoppingcenter van Uplace: bonus van 5 punten

Subtopper Superliga
De teams die in theorie tot de (sub)top behoren maar in de praktijk regelmatig naast de oude PO1 dreigden te vallen (Genk en Standard) spelen in een groep met Anderlecht en ploegen die gecontroleerd worden door hun bevriende makelaars en/of buitenlandse investeerders/spelershandelaars: Moeskroen, Eupen, Charleroi, STVV en Cercle Brugge.

Ook hier gelden bijzondere regelingen: wanneer Anderlecht, Standard of Genk minstens 1 speler contracteren via de familie Bayat (eigenaars van Charleroi) mag de netto balans over twee duels met Charleroi niet minder dan 4 op 6 bedragen.

Aan clubs met buitenlandse eigenaars wordt minstens 1 onverwachte uitslag gegarandeerd (bv. STVV-Anderlecht 1-0 of Genk-Kortrijk 2-3) om aantrekkelijk te blijven voor weddenschappen op de Aziatische markt, op voorwaarde dat de verliezende club reeds zeker is van plaatsing voor de Play-offs.

Halvering van de punten blijft in sommige gevallen behouden
Anders dan in de afgelopen seizoenen worden punten niet automatisch gedeeld, maar blijft een puntenhalvering mogelijk in bepaalde scenario’s. Wanneer één van de G5-clubs (Anderlecht, Genk, Club Brugge, Standard en Gent) zich bv. niet kan plaatsen voor de volgende ronde in hun respectievelijke liga, worden de punten van alle niet-G5-clubs die voor hen staan in het klassement gehalveerd.

Play-offs 2.0
De eerste vier clubs uit elke van de drie liga’s spelen tegen elkaar voor de Europese tickets. Iedereen start met 0 punten en de G5-clubs krijgen een deelnamebonus van 9 punten. Een andere nieuwigheid is dat de titel en bijbehorende rechtstreekse plaatsing voor de Champions League enkel naar een club kan gaan die eerder al eens kampioen speelde. Als een andere club toch op de eerste plaats zou eindigen, krijgt deze een ticket voor de 2e voorronde van de Europa League, en gaat de hoogst gerangschikte ex-kampioen naar de CL.

Play-downs 2.0
De andere clubs spelen tegen elkaar om te bepalen wie degradeert naar het amateurvoetbal. Iedereen start met 0 punten maar er is een bonus van 9 punten voor clubs die een tv-rechtenhouder (Telenet, Proximus, VOO, Eleven Sports, …) als sponsor hebben.

Croky Cup wordt Coucke Cup
De Beker van België wordt eveneens grondig hervormd. Teams waarvan Marc Coucke op dat moment voor minstens 9% eigenaar is (op dit moment Anderlecht, Oostende en Royale Entente Durbuy) zijn automatisch geplaatst voor de 1/8 finales van de Beker.
Indien een club zonder aandelen van Coucke de Beker wint, krijgt ze het daaraan gekoppelde Europese ticket enkel indien Anderlecht al zeker is van een Europees ticket via de Play-offs.

Supporters grote winnaars van deze hervorming
Deze sterke vereenvoudiging van het Play-off systeem komt er in de eerste plaats voor de fans, zegt een anonieme bron bij de KBVB. Er wordt op alle vlakken gemoderniseerd en gedigitaliseerd.

Via een mobiele app zal de gewone supporter op elk moment kunnen simuleren hoe reëel de kansen van zijn ploeg zijn voor een Europees ticket of eventuele degradatie. Er kan in deze app ook live gegokt worden op wedstrijden en de Pro League garandeert dat de uitkomst van de wedstrijd in minstens een kwart van de gevallen wordt beïnvloed door de weddenschappen.

Om deze app met artificiële intelligentie-technologie te bekostigen zullen de prijzen van tickets en abonnementen gemiddeld wel met 15 tot 30% stijgen. “Maar dat is geen probleem”, zegt onze bron, “vermits de economie aantrekt, en er al honderdduizenden jobs zijn bijgekomen, kunnen we de supporters die afhaken makkelijk vervangen door een meer kapitaalkrachtig publiek dat zich trouwens rustiger gedraagt in het stadion. Hierdoor dalen o.m. de kosten rond veiligheid.” Voor deze nieuwe klanten is de stelselmatige verhoogde bierprijs ook geen reden tot actie voeren, wat in het verleden toch vervelend gezichtsverlies betekende voor de clubs t.o.v. hun biersponsors.

Ook zullen wedstrijden van de clubs met Aziatische eigenaars regelmatig om 18u plaatselijke tijd (10u ’s morgens Belgische tijd) gespeeld worden, waardoor er met de andere wedstrijduren van 14u30, 18u, 20u en 20u30 op elk moment van de dag voetbal kan worden gekeken. Dit kan ook perfect op werkdagen, zodat supporters -indien ze vakantie nemen en hun kinderen thuis houden van school- makkelijker een wedstrijd kunnen meepikken. “Daarmee biedt de Pro League een antwoord op de verzuchting van vele supporters dat sommige data en tijdstippen bijna onmogelijk zijn voor hen om na het werk nog op tijd in het stadion te geraken”, zegt men bij de Voetbalbond. “En we verwachten een groter aantal niet-schoolplichtige kinderen en gepensioneerden in onze stadions tijdens die ochtendwedstrijden, omdat zij sowieso vrij zijn op dat moment.” Daarmee worden ook de dalende toeschouwerscijfers in de stadions aangepakt.

Aan de internationale uitstraling van onze competitie werd dus ook gedacht. Zo zullen de ochtendwedstrijden van STVV live uitgezonden worden in Japan op de betaaltelevisie, met commentaar van Tom Soetaers die op dit moment een spoedcursus volgt in de Japanse tuin in Hasselt.

Kleine clubs gematigd tevreden
Na een snelle rondvraag lijken ook de meeste kleinere clubs zich wel te kunnen vinden in deze hervorming. “Er zijn voldoende garanties ingebouwd om niet per ongeluk in een dure Europese campagne zonder al te veel slaagkansen te belanden”, zegt de Voorzitter van een club uit de Gaverstreek. De Voorzitter van KV Mechelen is vooral opgelucht dat zijn supporters voortaan geen kater meer zullen overhouden aan een nipt gemiste plaats in Play-off 1, en zich volledig kunnen concentreren op de derby’s met Lierse en Westerlo.

Advertenties
Geplaatst in hersengespinsel

Contador schrijft emotionele afscheidsbrief aan de Sporza-redactie

Alberto Contador aan de microfoon bij SporzaEXCLUSIEVE FRAGMENTEN UIT DE BRIEF VAN EL PISTOLERO AAN SPORZA

“Ik zal ze enorm missen, Miguel en José. Ik liet de integrale uitzendingen altijd opnemen door mijn vrienden in Vlaanderen. Voor een renner in koers is nachtrust echt van levensbelang. Kon ik om 22u30 de slaap nog niet vatten dan spoelde ik steevast door naar het tweede of derde uur van een lange etappe. Zelden lag ik om 22u39 nog wakker.”

“Ik heb er ook een deel van mijn pensioenzekerheid aan te danken. Miguel kent de bazin van zowat elk café waar we passeren persoonlijk. De meeste van die dames zijn op leeftijd en van zodra het voor hen te zwaar wordt neem ik hun uitspanning over. Ik ben ondertussen stille vennoot in 346 café’s in de Vlaamse Ardennen. Werken moet ik al een tijdje niet meer.”

“Renato is veel meer dan een bevriende verslaggever. Hij was in de Giro elke dag weer een baken voor mij. Een kompas. Mijn poolster. Die Italianen zijn zo mogelijk nog minder georganiseerd dan Spanjaarden. Stel je voor. Zonder de dagelijkse “ultimooo chilometrooo” van Renato had ik geen flauw idee hoever het nog was tot de streep. Aan de signalisatie of de koersdirectie heb je niks in de Giro. Die keer dat Renato ziek in bed lag ben ik per ongeluk de Stelvio nog helemaal terug afgereden. Ik heb een uur tevergeefs naar de finishlijn gezocht in Bormio. Genant.”

“Enkel Miguel mag mij ‘Bertje’ noemen. Dat hij de meeste Spaanse plaatsnamen fout uitspreekt op tv is een onschuldig grapje tussen ons beiden. Miguel kan bijvoorbeeld alle Spaanse alcoholische streekproducten in perfect Spaans oplijsten. Zeker na een paar glazen rioja.”

“Aan Carlos de la Nueva Iglesia heb ik niet zo’n warme herinneringen. Enkele jaren geleden was ik uitgenodigd als gast in Viva la Bicicletta. Tijdens het aanbrengen van de speciale muggenlokkende gezichtscrème kwam iemand van de redactie mij met de staart tussen de benen zeggen dat mijn Spaanse streekdialect toch niet genoeg op West-Vlaams leek. Carlos wilde mij niet in de uitzending zonder West-Vlaamse ondertiteling. Dat was een regelrecht affront. Ik ben opgestapt. Later hoorde ik dat ik snel-snel vervangen werd door een kunstenaar, een zekere Jan De Cock. Nochtans geen West-Vlaming. Bah.”

“Ik weet nog niet precies waar ik mijn dagen mee ga vullen. Eén van de projecten die op stapel staan is een Spaanse vertaling van het wielerjargon van Miguel en José. Misschien hoor je reporters van TVE binnen enkele jaren uitzinnig ‘met het hol vol open achteraan’ roepen in hun cabine. Misschien ga ik eens meefietsen met José in Turkije, hij heeft er genoeg reclame voor gemaakt. Of doe ik duo-schnabbel-presentaties met Miguel voor wielersponsors. Verkleed als pistolero. Wie weet. Vanaf nu mag alles, moet niets meer.”

— Alberto

Geplaatst in hersengespinsel

Beroepsvereniging verlichte despoten neemt afstand van aanpak Donald Trump

collage van dictators

De ‘Hall of Fame’ van DICTAGORIA

DICTAGORIA, de internationale beroepsvereniging van verlichte despoten en visionaire leiders, kwam vanochtend met een verrassend persbericht naar buiten waarin het nadrukkelijk afstand neemt van Donald Trump.

Nadat in de afgelopen dagen tal van verhitte discussies opflakkerden in de gesloten facebook-groep van de vereniging, voelde Kim Jong Un, Ere-voorzitter voor de Eeuwigheid en Lang Daarna, zich genoodzaakt om de rangen opnieuw te sluiten met een krachtig signaal in naam van de meerderheid* van de leden.

Verwijten als “stielbederf”, “amateurisme” en “leerling-tovenaar” aan het adres van Trump verhitten de gemoederen danig.
De Amerikaanse President van zijn kant bekloeg zich over het conservatisme en een schrijnend gebrek aan ambitie van sommige andere leden.

De belangrijkste klacht van de boze leden is de voortvarendheid waarmee Donald Trump de verschillende fases van de installatie van een dictatuur probeert af te haspelen.

“Een degelijk en duurzaam verlicht regime installeer je niet op 1-2-3”, zegt E., een volksmenner uit Turkije die anoniem wenste te blijven. “Je komt democratisch aan de macht en je maakt uiterst geduldig de oppositie monddood. Halfweg dit proces begin je de ambtenarij te vervangen door acolieten, eerst de rechters en het hoofd van de politie. Pas als je de helft hebt vervangen door handlangers pak je systematisch de andere overheidsinstellingen aan, en alle vormen van onderwijs.
Enkel het leger moet je meteen volledig onderwerpen, dat spreekt voor zich. Maar voor de rest van het land neem je je tijd.”

VP, een vooraanstaand bestuurslid uit Moskou, treed hem daarin bij. “Je kan onmogelijk voldoende ‘fake nieuws’ verspreiden in enkele weken tijd om de pers definitief te verwarren en uiteindelijk uit te schakelen. Doe je dit overhaast, dan bestaat de kans dat de bevolking het in de gaten krijgt en dan zit je onnodig opgescheept met mediagenieke protesten van vrouwen en andere migranten.” Volgens GW uit Den Haag hypothekeer je daarmee onnodig je staatsgreep, en mogelijk ook die van collega’s in andere landen. “Dit is gewoon dom!” roept GW tijdens de bestuursvergadering. “Tegen de overhaasting van collega Trump zeg ik ‘Minder! Minder! Minder!'”.

“Kijk, we zijn allemáál ongeduldig om aan die derde wereldoorlog te kunnen beginnen” zegt BA uit Damascus, “maar het is gewoon erg moeilijk samenwerken met eigenwijze beginnelingen die niet open staan voor de inzichten en ervaring van leden met een veel langere staat van dienst.”

“Denk aan wijlen AH uit Duitsland, zonder twijfel ons meest illustere lid.” zegt aspirante MLP uit Frankrijk. “Hij had alles keurig in de hand, was fantastisch uitgerust en goed omringd voor een rijk van minstens duizend jaar. Maar hij heeft zich toch nog ernstig vergaloppeerd, kreeg uiteindelijk zelfs ruzie met zijn collega in de Sovjetunie en zag zijn droom in rook en hoopjes puin opgaan.”

Met zware gevolgen voor de hele vereniging. “Door zijn inschattingsfoutje wachten wij nu al 72 jaar op een nieuw globaal conflict! Dat is erg erg lang, en steeds moeilijker om dragen, om eerlijk te zijn.”, besluit Kim Jong Un. “Mijn volk komt al decennia om van de honger en je begint je toch af te vragen: waarvoor doe ik het nog?”

 

* Er is op dit moment nog geen nieuws over de gezondheidstoestand en de verblijfplaats van de minderheid van leden die tegen de motie stemde.

 

Geplaatst in hersengespinsel

The stuff of legends

Paris-Roubaix,_Les_travaux_réalisés_en_2008Neen, Tom, je kan er maar beter meteen mee kappen. Je fiets aan de wilgen hangen, of gezien de vermoedelijke restwaarde ervan: op Kapaza ermee. Tijd voor de tweeling. Lore wil ook wel eens wat.

Het scheelde niks of je had Roubaix weer gewonnen. Gelukkig is dat niet gebeurd, waarvoor eeuwige dank aan de nog kwieke bejaarde Mathew Hayman. Sinds gisteren de bekendste Australiër in Lanaken, Brasschaat aan de Maas.

Dat je niet gewonnen hebt is goed voor ons, de kijkers. De fauteuilcoureurs. De dromers.

The stuff of legends bestaat voor 50% uit succes en voor 50% uit strijd, pijn, honger en algemene tegenspoed.

Legendarische records moeten tegelijk haalbaar en onbereikbaar zijn.

Niemand kon Parijs-Roubaix meer dan 4 keer winnen. Fabian zelfs niet eens zo vaak.

Als jij stopt zal het al zeker nog minstens 5 jaar duren voor iemand daar in lukt.

Maar eigenlijk moet ook de volgende Tom Boonen sneuvelen op de meet. De magie van Roubaix wordt er alleen groter van. Net als de legende van de renner.

Je bent nu al de strafste Belgische coureur van dit millennium met een palmares om van te duizelen. Een vijfde pavé maakt je echt niet nog straffer. Je gebruikt de ontelbare kasseien nu wellicht thuis als presse papier, en die dingen maken krassen op de salontafel.

In de atletiek hebben ze nog van die records die al 20, soms 30 jaar staan zonder dat iemand opnieuw in de buurt komt. Dat is saai en ontmoedigend. Ook al is dat vaak het gevolg van reglementswijzigingen of een gezonde ‘schoonmaak’ van de huisapotheek: onbereikbare records beletten topatleten om een echte legende te worden.

Het is al godgeklaagd dat Armstrong als enige (en dat niet geheel zuiver, naar verluidt) het record van 7 Tour-overwinningen heeft doen griffelen op de Muur der Groten. De eerstvolgende die er 6 aan elkaar weet te (r/l)ijden is eraan voor de moeite: niemand vergeet die 7 van Armstrong nog.

En zonder biochemische en/of mechanische spitstechnologie gaat niemand ooit nog meer dan 5 keer de Ronde van Frankrijk winnen.

Stel dat je volgend jaar weer meedoet en per ongeluk nog zo’n straatsteen wint…
Waarom een dergelijk  buitensporig en onnodig risico lopen?

Laat ons blijven dromen over Parijs-Roubaix. Zodat ik binnen 5 tot 10 jaar nog eens exact hetzelfde kan schrijven over Tiesj Benoot, 4 maal zegevierend in de vélodrôme met nog 7 podiumplaatsen erbovenop, en minstens 21 overwinningen in Harelbeke (geen onaardige koers, maar toch ook weer geen Roubaix).

 

Geplaatst in hersengespinsel

Brussel in mijn binnenzak

brussel-centraalBrussel is voor mij als de vriend van een vriend waar ik vaak enthousiast over hoor vertellen, maar die voor mij -op een vluchtige ontmoeting na- eigenlijk een volslagen onbekende is. En zoals bij die vriend van een vriend doe ik waarschijnlijk zelf te weinig moeite om elkaar te ontmoeten. Terwijl ik stiekem misschien een beetje jaloers ben op die vriendschap.

Mijn passages door Brussel als kind en als tiener beperkten zich tot het geduldig blijven zitten op de trein in “Bruxelles-Nord, Bruxelles-Central et Bruxelles-Midi” op weg naar Oostende en Knokke-Heist. Of – verheft uw hart postuum, Gaston Geens zaliger – de tweejaarlijkse bedevaart naar “Flanders Technology” in Gent.
Die treinreis begon meestal in Haacht, over Leuven of Mechelen. Daarmee weet u wellicht genoeg over mijn grootstedelijk bewustzijn.

Tot zo’n vijftal jaar geleden werden zakelijke afspraken binnen de Brusselse ring angstvallig vermeden, en wanneer toch onvermijdelijk – op straffe van gezichtsverlies of dalende inkomsten – liefst met een in Brussel bekende collega voltrokken.

Toegegeven, regelmatig werd de vijfhoek van Brussel wel gekozen voor een toeristisch-folkloristisch bezoek aan de eigen hoofdstad met buitenlandse collega’s. Stoemp mé weust in Brasserie La Roue d’Or op een steenworp van de Grote Markt. Even origineel en horizonverbredend als een schnitzel in Wenen of sangria in Valencia. Maar de bezoekende gelegenheids-Amerikanen vonden het altijd geweldig.

Met de Europese collega’s, die wel vaker in Brussel kwamen, naar de Mess van den Arsenal. Lekker eten, nog altijd Brussel, maar al iets minder een obligate Chinese brochurebestemming.

Neen, Brussel was geen deel van mijn leven. Mijn ploeg won er vier keer de Beker van België. Met de auto naar vrienden in Brussel – via de enige route die we kenden – en met die vreemde metro langs Simonis (een uitheemse naam die niet met autopolish gelinkt blijkt te zijn) naar de Heizel. Twee keer U2. En voor een beurs kwam ik ook wel eens op de Heizelvlakte (nooit uit vrije wil, laat dat duidelijk zijn). Kinepolis, Mini Europa zelfs.
(Maar is dat niet grondgebied Wemmel, eigenlijk? Telt dat wel als Brussel?)

Bijna vijf jaar geleden ging ik aan de slag bij een bedrijf in het midden van den Avenue Louise. Vreselijk vroeg vertrekken met de auto om via Montgomery, de General Jacques-laan en ontelbare door vuilniswagens opgestopte straatjes in Elsene naar kantoor te forenzen. Opstaan om 5u45, in de auto om 6u25. De moeilijke relatie met Brussel onder hoogspanning.

Vreemd genoeg bloeide er toch iets tussen ons. De liefde van de man gaat door de maag. Binnen een straal van 350 m kon ik kiezen uit heerlijk Italiaans, Frans, Japans, Chinees, Vietnamees en post-modernistisch vegetarisch eten. (Ik vergeet wellicht nog een etnische en/of levensbeschouwelijke specialiteit of twintig.) Een culinaire openbaring na 10 jaar van bedrijfskeukens en Panos-achtige broodjeslegbatterijen.

Toen het bedrijf negen maanden later naar een business park in Zaventem verhuisde zegevierde de slaap, maar de smaakpapillen bleven verweesd achter.

Tot ik 5 weken geleden opnieuw aan de slag ging in hartje Brussel.
Kantersteen, recht tegenover Brussel-Centraal, naast de Ravensteingalerij. Dichter bij het centrum kan je niet werken, tenzij als garçon op de Grote Markt.

Midden in de wittebroodsweken van mijn tweede huwelijk met Brussel hebben enkele onverbeterlijke en bloeddorstige criminele gekken Brussel pijn gedaan.
Onherstelbaar veel pijn.

Ik ben geen slachtoffer of held van zwarte dinsdag. Ook al stapte ik uit de trein in Brussel-Centraal, letterlijk enkele minuten voor de aanslag in Maalbeek. En heb ik de hele dag sirenes en helicopters door mijn hoofd horen loeien, hier in onze bedrijfsburcht op Kantersteen. Met het leger op de stoep. Een onpersoonlijke kantoorwijk in staat van beleg. Alle mogelijke nationaliteiten maar met een nooit eerder gevoelde verbondenheid.

Nu twee weken later, nadat de onvermijdelijke nationale hysterie wat is gaan liggen, besef ik dat het mij iets kan schelen. Niet zozeer de terreur. Niet de daders of de angst ervoor.

Brussel. Brussel kan mij nu iets schelen.

Ik wil die vriend van een vriend plots wat beter leren kennen. Ook al voel ik me hier nog lang niet thuis, zoals enkele weken geleden in Molenbeek, Sint-Gillis en Vorst. Of zoals vanochtend in de auto door Schaarbeek. Als treurnis een gemeente is, dan Schaarbeek.
En ook al ken ik bepaalde buurten zoals den Botanique beter van de begingeneriek van “Heterdaad” dan van de snel-weer-weg bezoekjes aan de Fnac in shoppingcenter City 2 vlakbij.

Brussel en de Brusselaars verdienen een kans. Een plaatsje in mijn binnenzak. En wie weet ooit wel een stukje van mijn plattelandshart.

Geplaatst in hersengespinsel

“Et alors?”: ethiek met de Franse slag

Laurent Jalabert in commissie dopingonderzoek Franse senaatAls je op vakantie in Frankrijk tijdens de Tour geen eigen satellietantenne meezeult ben je veroordeeld tot het ondergaan van een dagelijkse, urenlange lofzang voor le cyclisme français, op France 2 of 3.
Heb je een paar van die uitzendingen min of meer verteerd, dan is het pijnlijk helder: de Fransen houden eigenlijk niet van de koers.

De Fransen houden van Frankrijk. Van Franse overwinningen en van Franse helden. Van Franse kazen (al dan niet genoemd naar die helden). En van helemaal niemand anders.

Het duurt even voor je het aanvoelt. De buitenlandse wielrenners in de Tour de France, meer dan ooit uit alle hoeken van de wereld, zijn er niet om sportief gezellig te verbroederen met hun Franse collega’s.
De niet-Fransen zijn een noodzakelijk kwaad, nodige figuranten om de grandeur van de Franse natie te kunnen etaleren ten koste van mindere buitenlandse goden. Een buitenlander in een Franse ploeg is niet helemaal een Untermensch. Hoogstens een gewaardeerde huurling.

Buitenlanders die een rit winnen worden amper getoond in de nabeschouwingen.
Zeker niet als een Fransman iets bijzonders heeft gedaan in die etappe. Zoals het aaien van een hondje. Of het minutenlang rustgevend aan de klink van de medische assistentiewagen hangen.
De namen van buitenlandse renners worden nooit min of meer goed uitgesproken, het wordt ook niet geprobeerd.
Recente winnaars van grote en klassieke wedstrijden buiten Frankrijk zijn vaak nobele onbekenden tijdens het live commentaar.

Er zijn ongetwijfeld tijdperken geweest waarin die chauvinistische koersvisie niet belachelijk overkwam. Ten tijde van de verpletterende dominantie van Jacques Anquetil, toen zelfs de eeuwige tweede achter hem, Poulidor, een Fransman was. Tijdens de jaren van Hinault ook. En in sommige van de beginjaren van de Tour.

De wielerwereld is sinds de eerste zege van Greg Le Mond in 1986 fel geëvolueerd. Mondialer en kapitaalkrachtiger. Maar niet voor de Fransen. Van de jaren negentig tot vorig jaar kwam het Franse wielrennen niet meer in het stuk voor. Enkelingen haalden het voorplan nog wel. Waaronder Laurent “Jaja” Jalabert, een succesrijke sprinter die zich later omschoolde tot lange-vluchtkoning. En bad boy Richard Virenque, die als attaqueur, en zeer bescheiden klimmer, een aantal keren de bolletjestrui veroverde.

De dopingbekentenissen van Armstrong, zijn rivalen en vele anderen zijn een godsgeschenk voor het eerherstel van de Franse grandeur. Het kòn immers niet, dat Frankrijk dertig jaar lang geen Tour-winnaar kon leveren. Dat viel enkel te verklaren door bedrog, diefstal en valsemunterij. Fransen kunnen énkel verliezen van valsspelers. En dankzij Oprah weten we dat het zo was. Lance, en later Jan, en Marco, en Michael hebben allemaal in de apothekerskast gewoond.

Die arme Franse renners hadden gewoon geen eerlijke kans gehad! Iedereen blij in Frankrijk. Le cyclisme français gered.

In 1998 brak het lange dopingepos echt los met de Festina-affaire. Flamboyante kopman van die ploeg: Richard Virenque.
Recente analyse van de bloedstalen van de Tour van 1998 bracht naar boven dat ook andere Franse renners positief testten op EPO.
Daaronder ook weer een grote naam: Laurent Jalabert. Un héro de la Patrie. Een held des vaderlands.

De verklaring dat Frankrijk niets wist te rapen, tientallen jaren lang, zuiver door het bedrog van anderen: naar de prullenmand.

Tenzij Richard Virenque en Laurent Jalabert nooit echt zouden bekennen. Eerder iets binnensmonds mompelen over “andere tijden” en “geen commentaar”.
Dan konden ze de chouchous van de natie blijven. Onbesmette helden. Coryfeeën die op France 2 en 3 de lofzang voeren voor al die krampachtige Fransen die uiteindelijk toch weer zullen teleurstellen. (Behalve vorig jaar, toen letterlijk twee derde van het podium wegviel.) En verstandige kritische vragen stellen bij de opmerkelijke prestaties van bepaalde niet-Fransen.

Het zit diep in de volksaard van de Fransen, die halve schuldbekentenis. Zoals het “Et alors?” van François Mitterrand op de vraag over zijn buitenechtelijke dochter. Je bent in Frankrijk pas een bedrieger als je het zelf helemaal hebt opgebiecht en daardoor een onherroepbare daad stelt.

De rechten van de waarheid zijn altijd ondergeschikt aan de belangen van het Franse vaderland.
Zeker als er buitenlanders mee gemoeid zijn.

Geplaatst in hersengespinsel

Spoorloos

auto op treinrailsIk beken: ik ben al mijn leven lang een ‘petrolhead’. Liefhebber van snelle wagens sinds de kindertijd, en langdurig verslaafd aan de (relatieve) bewegingsvrijheid en het onbetwistbare comfort van de Duitse automobiel. Negen bedrijfswagens in achttien jaar werken.
Tot voor kort.

Sinds een half jaar werk ik op tien minuten wandelen van het station Antwerpen-Berchem. Een plaats die door de onhandige verkeersdriehoek Leuven-Brussel-Antwerpen met de auto gewoon lastig bereikbaar is tijdens de spits.

Ik koos voor de trein. Een transportmiddel dat ik na mijn studententijd zo ver mogelijk links liet liggen. Ondanks de groeiende files was de aantrekkingskracht van ‘den ijzeren weg’ onbestaande.
Ja, ik reisde voor mijn werk vaak met de Eurostar en Thalys naar Londen en Parijs. Maar dat telt niet: het was altijd in eerste klasse, en het is met inbegrepen eten en drinken eigenlijk gewoon vliegen in business class, met meer beenruimte, een stopcontact voor de laptop, en in een vliegtuig dat niet opstijgt.

Die treinrit van het Hageland naar Antwerpen was een ontdekking. Een verademing zelfs. Ook met een korte overstap in Aarschot, en na een uiteindelijk permanente upgrade naar eerste klasse (omdat het voorzien van voldoende capaciteit blijkbaar nog altijd moeilijk is voor de maatschappij die bijna 180 jaar bestaat), is het een heel comfortabele manier van pendelen gebleken.
De iPad mini is mijn trouwe reisgezel: ik heb de tijd om 45 minuten lang een spannend boek te lezen. Om wat e-mail achterstand in te halen. Of om gewoon wat te dagdromen.
Een enkele keer had ik vertraging. Eén trein werd echt geschrapt. Met de auto werd enkel nog naar het station gereden. Ook naar andere steden trok ik vanuit Antwerpen met de trein.

Ik was volledig bekeerd.

Was. De vakbondsacties van 6 en 24 november hebben mij opnieuw in de auto gekregen.

En wat blijkt dan: als je buiten de spitsuren rijdt, is de auto héél comfortabel. Mijn verplaatsing van deur tot deur -met de trein toch 1u25- krimpt tot exact 43 minuten. Met de ‘cruise control’ aan is het best ontspannend, zo na halfacht ’s avonds. En ik kan de iPod loeihard laten schallen in mijn rijdende cocon.

Ik kan me niet inbeelden dat dit de uitkomst is die de actievoerende ‘maatschappelijke bewegingen’ in gedachten hadden: een absolute bekeerling, een pendelkapitalist, die zich opnieuw in de zonde van de individualistische mobiliteit dreigt te storten.
De nieuwe dienstregeling vanaf 14 december doet bovendien extra vragen rijzen omdat ons lokale station nog veel minder bediend zal worden.

Op 1, 8, 11 en 15 december zal ik in elk geval spoorloos zijn. Fijnstof tot nadenken.

Geplaatst in hersengespinsel
%d bloggers liken dit: