Ieder voor zich

soldengekteMijn lieve Oma zaliger vertelde vroeger over de begindagen van de Tweede Wereldoorlog. Over hoe ze met haar familie vluchtte, samen met vele duizenden andere Belgen. Naar Frankrijk, waar ze warm onthaald werden en logeerden bij een boer, terwijl het Belgische leger moedig weerstand bood aan de Wehrmacht. Er werd niet gekeken op eten en drinken en niemand sliep op straat. “Les braves Belges sont nos frères et soeurs, Monsieur.”

Toen België onvermijdelijk capituleerde na een -gezien onze schaal- onwaarschijnlijk lang verzet van 18 dagen sloeg de stemming van de Fransen helemaal om. “Rentrez chez vous, amis des Boches.” En dus trok iedereen met de schrik in de benen weer naar huis. Een enkeling begon een nieuw leven in Frankrijk. (Dat Hitler na minder dan 18 dagen op Franse bodem in Parijs stond is geschiedkundige ironie.)

In de jongste weken krijg ik mijn kijk op de mensheid niet scherpgesteld. Zoals een tv-toestel dat de frequentie niet kan vasthouden. Wisselende lichtsterkte rondom mij, die mijn auto-focus functie stoort.

Wanneer Hollywood ons al eens een spiegel voorhoudt in de betere rampenfilm, dan komen volgende elementen steevast terug.

Een natuurramp, bio-nucleair accident of uitwas van één of andere oorlog bedreigt ons.
Er is eerst geen oplossing.
Een voorheen ondergewaardeerd genie of een rebel kent een oplossing.
De oplossing is helaas niet voor iedereen.
Ethische keuzes over wie wel, en wie niet, dringen zich op.
De leider van de wereld hakt de knoop door en gaat moedig zelf mee ten onder.
De gelukkigen overleven de shitstorm.
Een semi-happy ending toont het einde van de miserie en de belofte van een nieuwe toekomst.

Je weet waar ik naartoe wil.

Duizenden mensen ontvluchten hun miserie op dit moment.
Europa ervaart dit als een bedreiging.
Angela Merkel en Duitsland tonen hun grote hart terwijl de rest van Europa worstelt met zichzelf.
Duitsland heeft helaas ook geen plaats voor iedereen en moet de grens (tijdelijk) sluiten.
Angela Merkel komt politiek zwaar onder druk.

De rest van dit script moet nog worden geschreven. Ik ben op dit moment niet geneigd te geloven dat we een semi-happy ending gaan krijgen.

Onze mensensoort is het resultaat van miljoenen jaren van succesvolle toepassing van ‘ieder voor zich’.
Of we dat nu willen of niet, niemand van ons kan claimen dat hij volledig onbaatzuchtig in de wereld staat.

De meesten vinden het allemaal heel erg. Velen willen helpen.
Maar niemand wil er zijn eigen comfort voor in gevaar brengen. Als we eerlijk zijn met onszelf.
Ik ook niet. En daar worstel ik mee. Eerlijk.

Het overlevingsinstinct van de mens zit onze menselijkheid in de weg.

In Calais hebben zich vorige week, toen een Vlaams konvooi hulpgoederen kwam brengen voor de vluchtelingen in de Jungle, lelijke taferelen voorgedaan. Mensen die hun goed hart hebben laten zien werden door een aantal vluchtelingen niet al te zachtaardig van hun hulpgoederen verlost. Soms met schade aan hun auto en eigen kledij.

Wie zich daarop beroept om te zeggen dat deze sukkelaars hier niet passen moet op de openingsdag van de koopjesperiode maar eens naar een grote winkel trekken (foto). Duw- en trekwerk, zonder omkijken, is ons ook echt niet vreemd.

Je kan ook moeilijk uitleggen hoe het plunderen van winkels, en het voor de camera’s naar huis rennen met een vers gestolen LCD-tv, het zeer begrijpelijke protest tegen verdacht politiegeweld inhoudelijk versterkt.
Bij sommigen gaat ‘ieder voor zich’ dan zelfs snel over in ‘grijpen wat je kan’.

Nu mijn vaderlijke gevoelens zich volop ontwikkelen (ik word binnen enkele weken voor de eerste keer papa) durf ik geen moraalridderlijke hand meer in het vuur steken voor mijn eigen beschavingsniveau als mijn eigen kindje honger zou komen te lijden.

De Britse Thalys-held stelde een heel terechte vraag na de huldiging op het Elysée.
“What would you do?”

Ik weet enkel zeker wat ik zou willen dat ik doe. Maar niks menselijks is mij vreemd.

Geplaatst in hersengespinsel

“Et alors?”: ethiek met de Franse slag

Laurent Jalabert in commissie dopingonderzoek Franse senaatAls je op vakantie in Frankrijk tijdens de Tour geen eigen satellietantenne meezeult ben je veroordeeld tot het ondergaan van een dagelijkse, urenlange lofzang voor le cyclisme français, op France 2 of 3.
Heb je een paar van die uitzendingen min of meer verteerd, dan is het pijnlijk helder: de Fransen houden eigenlijk niet van de koers.

De Fransen houden van Frankrijk. Van Franse overwinningen en van Franse helden. Van Franse kazen (al dan niet genoemd naar die helden). En van helemaal niemand anders.

Het duurt even voor je het aanvoelt. De buitenlandse wielrenners in de Tour de France, meer dan ooit uit alle hoeken van de wereld, zijn er niet om sportief gezellig te verbroederen met hun Franse collega’s.
De niet-Fransen zijn een noodzakelijk kwaad, nodige figuranten om de grandeur van de Franse natie te kunnen etaleren ten koste van mindere buitenlandse goden. Een buitenlander in een Franse ploeg is niet helemaal een Untermensch. Hoogstens een gewaardeerde huurling.

Buitenlanders die een rit winnen worden amper getoond in de nabeschouwingen.
Zeker niet als een Fransman iets bijzonders heeft gedaan in die etappe. Zoals het aaien van een hondje. Of het minutenlang rustgevend aan de klink van de medische assistentiewagen hangen.
De namen van buitenlandse renners worden nooit min of meer goed uitgesproken, het wordt ook niet geprobeerd.
Recente winnaars van grote en klassieke wedstrijden buiten Frankrijk zijn vaak nobele onbekenden tijdens het live commentaar.

Er zijn ongetwijfeld tijdperken geweest waarin die chauvinistische koersvisie niet belachelijk overkwam. Ten tijde van de verpletterende dominantie van Jacques Anquetil, toen zelfs de eeuwige tweede achter hem, Poulidor, een Fransman was. Tijdens de jaren van Hinault ook. En in sommige van de beginjaren van de Tour.

De wielerwereld is sinds de eerste zege van Greg Le Mond in 1986 fel geëvolueerd. Mondialer en kapitaalkrachtiger. Maar niet voor de Fransen. Van de jaren negentig tot vorig jaar kwam het Franse wielrennen niet meer in het stuk voor. Enkelingen haalden het voorplan nog wel. Waaronder Laurent “Jaja” Jalabert, een succesrijke sprinter die zich later omschoolde tot lange-vluchtkoning. En bad boy Richard Virenque, die als attaqueur, en zeer bescheiden klimmer, een aantal keren de bolletjestrui veroverde.

De dopingbekentenissen van Armstrong, zijn rivalen en vele anderen zijn een godsgeschenk voor het eerherstel van de Franse grandeur. Het kòn immers niet, dat Frankrijk dertig jaar lang geen Tour-winnaar kon leveren. Dat viel enkel te verklaren door bedrog, diefstal en valsemunterij. Fransen kunnen énkel verliezen van valsspelers. En dankzij Oprah weten we dat het zo was. Lance, en later Jan, en Marco, en Michael hebben allemaal in de apothekerskast gewoond.

Die arme Franse renners hadden gewoon geen eerlijke kans gehad! Iedereen blij in Frankrijk. Le cyclisme français gered.

In 1998 brak het lange dopingepos echt los met de Festina-affaire. Flamboyante kopman van die ploeg: Richard Virenque.
Recente analyse van de bloedstalen van de Tour van 1998 bracht naar boven dat ook andere Franse renners positief testten op EPO.
Daaronder ook weer een grote naam: Laurent Jalabert. Un héro de la Patrie. Een held des vaderlands.

De verklaring dat Frankrijk niets wist te rapen, tientallen jaren lang, zuiver door het bedrog van anderen: naar de prullenmand.

Tenzij Richard Virenque en Laurent Jalabert nooit echt zouden bekennen. Eerder iets binnensmonds mompelen over “andere tijden” en “geen commentaar”.
Dan konden ze de chouchous van de natie blijven. Onbesmette helden. Coryfeeën die op France 2 en 3 de lofzang voeren voor al die krampachtige Fransen die uiteindelijk toch weer zullen teleurstellen. (Behalve vorig jaar, toen letterlijk twee derde van het podium wegviel.) En verstandige kritische vragen stellen bij de opmerkelijke prestaties van bepaalde niet-Fransen.

Het zit diep in de volksaard van de Fransen, die halve schuldbekentenis. Zoals het “Et alors?” van François Mitterrand op de vraag over zijn buitenechtelijke dochter. Je bent in Frankrijk pas een bedrieger als je het zelf helemaal hebt opgebiecht en daardoor een onherroepbare daad stelt.

De rechten van de waarheid zijn altijd ondergeschikt aan de belangen van het Franse vaderland.
Zeker als er buitenlanders mee gemoeid zijn.

Geplaatst in hersengespinsel

Chasse patate

foto Jurgen Van den BroeckLaat ik maar meteen tot een bekentenis overgaan: ik was een VdB-believer. Ik wilde geloven dat als Jurgen een keer geen pech zou kennen, een keer overal recht kon blijven, en een keer geen mysterieus virus zou oppikken, dat hij dan zeker op het podium van enkele Grote Rondes zou komen te staan.

Tot vorige week, in deze fantastische Giro.

Je mag me gerust een slow learner noemen, want veel wielerliefhebbers hadden de hoop al veel eerder losgelaten. Na de heel erg teleurstellende Vuelta vorig jaar bijvoorbeeld, of na de zoveelste pech-Tour.

Na de tweede ernstige bergrit vorige week werd ook mij pijnlijk duidelijk dat het plafond nu echt helemaal werd bereikt. De echte top ligt zelfs al even achter ons, als we eerlijk zijn.

Uit de eindafrekening van de Ronde van Italië leren we dat er nu minstens 11 betere ronderenners zijn in het peloton. Reken daar nog minstens Froome, Quintana, Pinot, Nibali, Valverde en (met enige reserve) Porte bij, plus enkele andere doorbrekende talenten, en we zitten al snel aan een twintigtal renners die gewoon consequent beter doen dan Jurgen.

Dat is op zich helemaal geen schande. Hij heeft er -naar wat we steeds te horen kregen- alles aan gedaan.
Het is wat het is. C’est la vie. Life goes on.

Dit schrijfsel is dan ook geen afserveren van een ex-idool die uiteindelijk toch teleurstelde.

Het is een waarschuwing.

Want Jurgen Van den Broeck is met een onvervalste chasse patate bezig. Hij jaagt moederziel alleen op een kopgroep van ronderenners die hij aanvankelijk wel kan volgen, maar dan toch telkens weer moet laten gaan.
Achter hem een breed peloton van mindere goden. Met een 12e plaats (op 25 minuten van Contador, weliswaar) sta je nog altijd netjes in de top 10% van een peloton van meer dan 180 renners. Zeker niet slecht. Maar Jurgen ziet zichzelf nog steeds als een podiumrenner…

En hij gedraagt er zich nog steeds naar. Snel nors in zijn antwoorden, al te vaak als reactie op de confrontatie met het schrille contrast tussen zijn uitgesproken ambitie en de harde realiteit van het algemeen klassement.
We begrijpen de eerste emoties, het verwerken van de zoveelste teleurstelling. Maar het wordt een beetje een ziektebeeld.

De pittige discussie (zeg gerust: ruzie) met ideale schoonzoon Maxime Monfort bij het overschrijden van de finish is een flinke waarschuwing voor Jurgen zelf, en voor al wie hem met zorg begeleidt. De spanning tussen droom en daad is nu zo groot dat het nu maar twee kanten op kan gaan.

Ofwel wordt VdB een verbitterde coureur. Met een erg magere erelijst, vierde en vijfde plaatsen in de Tour. En tientallen externe oorzaken om zich achter te verstoppen. Met ongetwijfeld steeds scherpere uitvallen naar wie er al eens kritiek op durft geven. En wellicht, laat ons eerlijk zijn, snel vergeten binnen enkele jaren. Niet meer dan een voetnoot in de rijke wielergeschiedenis.

Ofwel vindt hij zichzelf opnieuw uit. Als aanvaller en favoriet in kleinere rondes. Of als superknecht en mentor van jong toptalent zoals een Tim Wellens of een Tiesj Benoot. Misschien als de Vlaamse Kiryienka of Basso, van goudwaarde als locomotief voor een explosieve kopman.

En doe alsjeblieft iets aan die erelijst, Jurgen. Je hebt jezelf al flink tekort gedaan met je keuze voor het enkel rijden van grote rondes. En eigenlijk enkel de Ronde van Frankrijk met hart en ziel.

In elk geval is het hoog tijd om te stoppen met je chasse patate, Jurgen. De kopgroep is onbereikbaar. Je eigen mooie trofeeënkast is dat nog niet.

Geplaatst in hersengespinsel

Vogel voor de kat

tijgers vallen een vogel aan in groep

Als een tienerknaap die met het family pack condooms duidelijk zichtbaar onder de arm bezweert dat hij enkel komt studeren met je dochter.

Vincent Tan liet na het officialiseren van de aankoop van KV Kortrijk, de nieuwste voetbalgrootmacht in zijn imperium, optekenen dat hij het huidige Bestuur gewoon verder haar ding laat doen. Wie goed bezig is moet je gerust laten, of zoiets.

Hoe slecht moeten de Bestuurders van Cardiff City dan wel bezig geweest zijn dat Tan the Man ongeveer meteen een symbolische Aziatische draak moest invoeren als nieuwe logo, en de clubkleuren van blauw naar rood veranderen. Het rood is na luid protest van de fans teruggekeerd. De draak is gebleven. De gevestigde koosnaam “The Bluebirds”, naar de vogel in het oude logo, bleek geen hinderpaal.

Gaat dit over gokken? Natuurlijk gaat dit over gokken! Welke mogelijke andere reden kan er zijn voor een rijke ex-baas van een gokbedrijf, uit een heel ver land (Maleisië), zonder enige economische activiteit of binding met België, om geld te steken in een kleine provincieclub als KV Kortrijk?

Mijn imaginaire held Sherlock Holmes zou zeggen: “When you have eliminated the impossible, whatever remains, however improbable, must be the truth.”.

Ik zeg duidelijk ‘gokken’. Niet ‘wedstrijden manipuleren’. Sinds de gokchinees is die vrees gegrond, maar in deze niet bewezen.

Het gokbedrijf is vandaag in handen van de zoon van Vincent Tan. Wie gelooft dat de belangen van vader en zoon volledig gescheiden zijn? Daar staat de tienerjongen weer voor de deur, dezelfde doos maar al wat minder gevuld onder de arm. De tienerdochter bloost. Guilty pleasure.

Even ontluisterend is dat je blijkbaar een Belgische kandidaat voor Europees voetbal kan kopen voor een schamele 5 miljoen euro…
Dat is exact gelijk aan één geflopte transfer en een jaar loon bij Racing Genk (Mboyo), of wat langer geleden bij Club Brugge (Koen Daerden).

Als Mister Tan ernstige sportieve ambities heeft dan koopt hij een club als Standard of AA Gent. Leuk stadion, grote supportersaanhang en daardoor meteen aantrekkelijk voor goede voetballers die een tussenstap (of stap terug) willen zetten in hun globale veroveringstocht. En door de tv-rechten en merchandising meteen met voldoende cash flow om niet alles van de grond op te moeten bouwen.

KV Kortrijk is de volgende (en wellicht niet de laatste) club die in handen komt van iemand die het sportief presteren niet als belangrijkste motief heeft.
Lierse met zijn Egyptische voetballerskolonie.
Standard met een voorzitter wiens hart van STVV is, maar wiens kassa in Luik rinkelt. En in Charlton. En in Ujpest.

Is een alleenheersende mecenas per definitie nefast voor een club? Neen.

Jos Vaesen was zeer lang nauw verbonden met KRC Genk, enkele jaren op de voorgrond als voorzitter, met een zeer flinke financiële hand in de pap. Racing Genk haalde tussen 1998 en 2015 3 landstitels en 3 Bekers. Ondermeer dankzij de financiële inbreng van Jos Vaesen. Toen de Genkse groei sputterde moest hij een stap terugzetten. Dat deed hij met zichtbare pijn, maar hij liep ook niet weg en bleef bij de club. Misschien dat daardoor bepaalde problemen hebben aangesleept. Wie zal het zeggen. Toch bedankt voor alles, Jos. Van harte.

Ook Marc Coucke is zo spontaan en emotioneel supporter van KV Oostende dat hij oprecht enkel van sportieve glorie droomt. En ook wel wat van persoonlijk prestige. Of hij zich in geval van langdurige tegenvallende resultaten ook naar de achtergrond zou bewegen, in het belang van de club, is nog maar de vraag. Maar hij krijgt het voordeel van de twijfel.

Terug naar KV Kortrijk en Vincent Tan.

Ik heb lang gespeeld met de titel van dit verhaal.

Een vogel voor de kat.
Een kat in een zak.

De kat bij de melk…

De supporters van KV Kortrijk moeten hopen dat ze straks niet alle negen levens van de spreekwoordelijke kat opgesoupeerd zien worden.

Geplaatst in hersengespinsel

Instant justice

opgehangen man Ik kan mij niet van de indruk ontdoen dat de angst voor schade aan het imago van KV Oostende, het weireldploegsje van mecenas Marc Coucke, (te?) zwaar heeft doorgewogen in de beoordeling van het incident met de jeugdtrainer en zijn “lul van de week”.

Een onmiddellijk ontslag is een zware sanctie. Ik ken de betrokken trainer niet, misschien gingen er ook andere dingen fout in de samenwerking. Maar in het geval dat dit het enige vergrijp zou zijn op zijn kerfstok vind ik het een erg strenge straf. Zonder enige herkansing.

Let op: ik banaliseer het incident niet. Ik vind het ook niet gepast om kinderen (of wie dan ook) bewust te kijk te zetten, en ik geloof al helemaal niet in negatieve motivatie om een positief resultaat te bereiken.

Over de pedagogische zin van “lul van de week”, of over het literaire niveau ervan, zal je van mij dus geen goed woord horen.

Maar waar is de spreekwoordelijke tik op de vingers gebleven? De tweede kans, waar zelfs in ons strafrecht van uit wordt gegaan? Voor de meeste misdrijven geldt de regel dat je bij een eerste veroordeling niet meteen de maximumstraf krijgt. Omdat iedereen een fout kan maken. En omdat iedereen perspectief verdient op beterschap.

Ik denk dat er andere mogelijkheden waren om deze man bij te sturen, met een mooi gebaar naar zijn spelertjes toe bijvoorbeeld. Niet om de dingen te vergoeilijken, wel om die jongens een belangrijke levensles mee te geven: dat iedereen al eens uit de bocht kan gaan. En dat je ongelijk kunnen toegeven -al dan niet met een gebaar van goodwill- betere mensen van ons maakt.

Het machismo in het voetbal, en de soms middeleeuwse gebruiken die daarbij horen zijn niet meer van deze tijd en mogen aan de kaak gesteld worden. Zeker in het amateurvoetbal, en nog veel sterker in het jeugdvoetbal. Wat we daar zaaien krijgen we later anders zelfs met (het ondertussen ook al verboden) Round-Up niet meer uitgeroeid.

Anderzijds denk ik dat de therapiekosten voor de getroffen jongeman deze keer nog wel zullen meevallen. Onder meer dankzij zijn oplettende papa.

Maar de slinger moet niet doorslaan. Niet als deel van een zoveelste heksenjacht van de zieltogende krantenhandel.

En al zeker niet omdat het kraaknette blazoen van Marc Coucke hierdoor een spatje zou kunnen oplopen. Marc Coucke heeft zelf kinderen. Door een toeval heb ik die enkele jaren geleden een week lang in actie kunnen zien op skivakantie. Ze leken me niet alleen keurig opgevoed, maar ook de juiste waarden mee te krijgen van hun ouders.

P.S. Het weireldploegsje speelt al een tijdje geen wereldvoetbal meer. Ook de leiding ervan bestaat dus uit mensen.

Geplaatst in hersengespinsel

Wir haben es gewusst

blind manIk wilde vandaag maar weer eens een vrolijk stukje schrijven. Na een heerlijke vakantie, met de adembenemende natuur nog mentaal op het netvlies geïnstagramd. En de warmte van een verafgelegen volk in het hart. De literaire smileys in de aanslag.

Het spijt me oprecht maar het is me dus niet gelukt. Omdat er mensen van gebouwen worden gegooid. Al dan niet om ze nadien nog wat meer dood te stenigen. IS levert geen half werk. (Het zou me niet verbazen indien één van die bekeerlingen een verleden in quality assurance heeft, want het niveau van barbaarsheid is opvallend constant.)

Die mensen die ijskoud van gebouwen geflikkerd worden hebben dat enkel te danken aan hun liefde voor iemand van hetzelfde geslacht. Nu ben ik er zeker van dat u -zelfs als u er misschien nog wat ongemakkelijk of lacherig mee omgaat- minstens enkele holebi’s persoonlijk kent.
Ik mag me alvast gelukkig prijzen met een flink aantal fijne vrienden en naasten die toevallig van mannen houden.

Als u nu even de ogen sluit en visualiseert hoe één van die fijne kennissen naar de rand van het dak van een hoog gebouw aan een open plek in een willekeurige stad wordt gemarcheerd, en na het schreeuwen van “Alloeah Akbar” over de rand wordt geduwd, dan begrijpt u zeker dat ik vandaag geen vrolijk stukje uit het virtuele toetsenbord krijg.

Ik zag nog geen enkele #jesuisgay op twitter. Ik zag nog geen enkele oproep tot een mars in Brussel of Parijs. Gaia maakt gemiddeld meer lawaai over het artistiek verantwoord gooien met katten en honden op het Schoon Verdiep door een postmoderne kunstenaar dan ik de publieke opinie nu heb horen produceren over het gooien met homo’s. Met mensen.

Wel zag ik gisteren nogal wat protest tegen een school die radicaliserende jongeren (dat woord “jadicajisejen” goed uitspreken is nu voorgoed verpest door Jelle De Beule) heeft gemeld bij de politie.
Natuurlijk is het screenen van Facebook-pagina’s geen kerntaak van een school. Melding maken van het verspreiden van en oproepen tot geweld en haat (stafrechtelijke misdrijven) is echter zonder aarzeling de morele én wettelijke plicht van élke Europese burger of instantie. Kerntaak of niet: “it’s the law”.

Privacy is een vrij absoluut recht maar deze berichten stonden publiek leesbaar op Facebook. De school heeft dus niets gehackt of bewust gespioneerd. Ze heeft iets onrustwekkends vastgesteld en dat meteen gemeld bij de instanties.
Een heksenjacht op elke jongere met harde standpunten is ook niet gewenst, dus ik pleit alvast voor een discreet en wijs centraal meldpunt dat het onderscheid kan maken tussen meelopers en echte potentiële jihadis.

Er worden op 2500 kilometer van hier mensen van gebouwen gegooid.
Naar schatting komen zowat de helft van die moordenaars uit het Westen. Een flink aantal van hen heette korte tijd geleden nog Kevin of Geoffroy. Of Jejoen, tenzij dat een spelfout betreft.
Zonder wie dan ook te stigmatiseren moeten we onder ogen durven zien dat het hier niet over kwajongens gaat die op Facebook ‘stoefen’ over het stelen van een blikje cola in de Carrefour.

Zit het aspect ‘verklikken’ u niet lekker?
Elke van deze jongeren die in de waanzinnige barbaarse spiraal van het jihadisme wordt meegezogen ziet zijn leven en dat van zijn familie gegarandeerd verwoest.
Want het is een weg die alleen kan eindigen in de dood, of in een enkel geval een gebroken leven voor wie kan terugkeren.

Dat we waakzaam zijn en informatie doorspelen doen we niet alleen om te voorkomen dat er straks op een zondagnamiddag in de lente een bestelwagen met zelfgemaakt explosieven opduikt op de parking van het vermaledijde Gouden Kruispunt shoppingcenter, waar je op de duizenden koppen kan lopen. De afstand van Verviers tot dit mekka van de Westerse ontaarding bedraagt slechts 90 kilometer. Minder dan een uurtje rijden.

We doen het ook om hopelijk toch enkele misleide jongeren te redden van een afschuwelijk en onuitwisbaar trauma, of erger: een monster worden dat andersgeaarden van gebouwen gooit, kinderen als slaven verkoopt en journalisten onthoofdt.

Onze generatie kan niet zeggen dat ze het niet geweten heeft.
Het stond immers op Facebook.

#jesuisfaché en #jesuisgay

Geplaatst in hersengespinsel

Je suis Charlie

Je suis Charlie

Geen spitsvondige woordspelletjes met de titel van deze blogpost. Geen grappige foto. Geen kwinkslag, geen knipoog. Geen fratsen tout court.
Niet omdat ik niet meer durf lachen na gisteren. Integendeel, ik heb mijn leven lang met zowat alles en iedereen kunnen lachen. In de eerste plaats met mezelf, dat lijkt me gezond. Ik ben dus vastbesloten om de satire, de ironie, het sarcasme en de occasionele dijenkletser met passie en in veelvoud te blijven beoefenen.

De ernst vandaag is er uit respect voor de 12 dodelijke slachtoffers en de honderden dierbaren wiens leven is verwoest. Door koude en goddeloze mannen, op een koude en goddeloze dag.

Humor is het lastige aardse bestaan relativeren tot het een min of meer draaglijke opdracht wordt. De misdaad tegen de menselijkheid die gisteren werd gepleegd in het hart van Charlie Hebdo en in het hart van Frankrijk wil ik niet relativeren, laat staan zelfs maar een klein beetje legitimeren door er een kanttekening bij te maken. Dodelijke ernst is het. Helaas.
Diep onder de indruk ben ik, nog steeds, van het serene en stille massale protest waarin Frankrijk en vele mede-Europeanen zich gisteren verenigd hebben. Een sterker statement kan je niet maken richting fanatieke vrijheidsbeknotters over het absolute en onaantastbare recht op vrije meningsuiting in onze wereld.

De dag nadien stapelen de dilemma’s zich op.

Hoe moet onze democratische West-Europese samenleving hier op reageren? Meer cartoons? Graag, wat mij betreft.
Pakken we de voedingsbodem aan waarop extremisme gekweekt wordt bij jongeren die zich hier niet thuis voelen? Willen wij ze hier nog wel?
En kan je goodwill creëren in het Midden-Oosten om groeperingen als IS niet langer te financieren als je het Palestijnse volk niet uit de onmogelijke houdgreep van Israël haalt? Zijn een stabiel en democratisch regime en economische welvarendheid de enige weg om religieus terrorisme aan de bron te stoppen?
Het is ons niet gelukt in Irak en Afghanistan. Aan Syrië durft zelfs niemand te beginnen.

Moet iemand hiervoor gestraft worden? Ik heb gisteren -gelukkig- nog geen oproep tot wraak gehoord. Toch rijst vroeg of laat de vraag hoelang we onze andere kaak blijven aanbieden. Een volk verliest de hoop als het de indruk krijgt dat het geen enkel verweer heeft tegen een afschuwelijke dreiging.

De moeilijkste vraag is of je met kille, keiharde moordenaars überhaupt oplossingen kan vinden.
De moorden gisteren waren niet zozeer een terroristische daad als een strafexpeditie, een meedogenloze executie. Een afrekening zoals ze in Russische maffiamiddens zou zijn uitgevoerd. Met ‘special forces’ methodes. Een voorbeeld stellen, want de eenzijdig opgelegde regels werden niet gevolgd.

De beelden en verhalen die ons bereiken over de wandaden van IS in Syrië en Irak zijn even harteloos, voor door vrede week geworden Westerse zielen compleet onvatbaar. Hoe ze zich aan vrouwen en zelfs kleine meisjes vergrijpen is nog vele graden killer dan wat ze met (vermeende) tegenstanders doen.

Geen enkele godsdienst met meer dan drie aanhangers geeft goedkeuring aan het mishandelen, verkrachten en doden van kinderen. Bij mijn weten ook niet aan het koudweg en zonder proces vermoorden van schrijvers en tekenaars.

De daders waar we hier mee te maken hebben zijn geoefende moordmachines.
Ik vrees dat we deze dreiging niet gaan stoppen met straathoekwerkers alleen.

Geplaatst in hersengespinsel
%d bloggers liken dit: